08.04.2019
Website under construction !
23.02.2018
A winning plan!
01.02.2018
Areal is hiring!
24.04.2017
BS De Vlindertuin
09.05.2017
Braselwijk / Dessel / 23 sociale woningen
12.05.2017
Oplevering uitbreiding Go Shil! Mechelen
17.05.2017
Selectie Open Oproep Niel OO3304
29.05.2017
Publicatie woning EM in De Tijd Sabato
02.06.2017
Opening BSGO Het Laerhof
02.07.2015
Groenhof te Kontich
15.06.2015
Design en build BS De Abeel winst !
22.04.2015
Masterplan Meerminne
23.09.2014
Areal wint wedstrijd sociaal wonen te Beerse
23.09.2014
Internationale publicatie woning EM
04.08.2014
Areal wint wedstrijd WZC 'De Faluintjes'
31.07.2014
Publicatie woning EM in tijdschrift PLAN
26.06.2014
Opening new office
07.05.2014
Online publicatie Zorgcampus Mayerhof
11.04.2014
Areal wint uitbreiding van 3 scholen
25.03.2014
Wonen en werken met paarden
01.03.2014
Areal is verhuisd!
31.01.2014
Internationale publicatie. House DV.
27.01.2014
Publicatie. woonzorgsite Mayerhof.
21.01.2014
Een nieuw kantoor. Zeer binnenkort.
02.10.2013
Zorgcampus Mayerhof updated
14.06.2013
Facebook or not
14.06.2013
Stadsproject Korte Doornik
31.05.2013
nieuwe basisschool de kRing
14.03.2013
Woning E-P publicatie in Best of Slates 3
04.02.2013
Start ontwerpvisie opvanghuis voor jongeren
20.01.2013
Areal wishes you a great *2013*
03.02.2013
Publicatie in De Standaard Wonen
16.01.2013
Woning E-P te Eppegem
07.01.2013
Sociale woningen in Emiel Vloorstraat
07.01.2013
Resultaat voor de wedstrijd Cadix bouwblok D2
18.12.2012
Recent woningontwerp
13.11.2012
Areal bouwt twee nieuwe scholen
29.08.2012
Facebook pagina is online
05.08.2012
25 Sociale woningen te Hoboken
12.06.2012
Basisschool Boom Park DBFM
06.08.2012
Areal VIP-guest at LEAF-forum
06.07.2012
Concerthal te Mechelen
31.01.2012
Ontwerpvisie BKO en jeugdlokalen
16.02.2012
Presentatie Officierenwijk Brasschaat
12.02.2012
Presentatie zorgnota Witte Meren
25.02.2012
Publicatie in Buitengewoon Belgisch Bouwen
09.01.2012
Update werf woning D-V te Wilrijk
20.11.2011
Jeugdherberg Lommel wedstrijd
01.11.2011
Areal bouwt 10 sociale woningen te Kapellen
07.12.2011
Uitnodiging ontwerp RVT te Mol
01.12.2011
Selectie besloten wedstrijd Mortsel
23.11.2011
Selectie officierenwijk Brasschaat
15.11.2011
Publicatie AOR in Bouwen aan Vlaanderen
08.08.2011
Start werken uitbreiding Basisschool De Schakel
06.06.2011
Areal wint school te Boom
08.10.2011
Areal mee met woonwandeling
01.09.2011
Start werf stadsproject Korte Doornikstraat
04.10.2011
Lancering vernieuwde website
01.10.2011
Zorgcampus Mayerhof shortlisted voor I2C
21.05.2012
Areal zoekt versterking
01.06.2011
Start werken Zorgcampus Mayerhof

Areal Architects

Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED

Duurzaam wonen in Cadixwijk iov Besix RED
76 woningen in herontwikkeld havengebied: een nieuwe woonwijk voor A'pen

De herontwikkeling van het zuidelijk deel van het Eilandje begint goed vaart te maken. De stad heeft het traject nauwkeurig voorbereid : masterplan, beeldkwaliteitsplannen en verkavelingsvoorschriften scheppen een duidelijk kader voor de invullingen die komen. Net daardoor komt al snel de vraag naar boven welke belangrijke ruimtelijke keuzes in deze fase juist gemaakt moeten worden. Hoeveel bewegingsvrijheid is er op het keurig uitgestippelde traject? Hoe zal elk project hier karakter krijgen en tegelijk meewerken aan het beeld van één samenhangend stadskwartier? Hoe willen we in dit unieke deel van de stad wonen en werken verenigen op een duurzame en kwalitatieve manier? In deze bundel lichten we de visie toe van ons team op het zuidelijke deel van bouwblok D2. Een visie die ontstaan is in nauwe samenwerking tussen de partners Besix RED, Wit architecten, Areal Architecten en Bureau Bouwtechniek met als doel een zo hoog mogelijke woonkwaliteit en diversiteit te bieden met een zo laag mogelijke impact op onze natuurlijke bronnen.


 uitgangspunt / het bouwblok als conglomeraat van panden

De unieke context van de Cadixwijk moet als inspiratiebron meer kunnen zijn dan louter het beeld, de ‘look and feel’ van pakhuisarchitectuur.  Een diepere kijk op de omgeving dringt zich op.  Hoe werken de bouwblokken uit de omgeving? Welke kansen hebben ze (latent) in zich?  Wat kan een nieuw te ontwikkelen bouwblok hiervan leren en hoe kan het die latente kwaliteiten versterkt aanwenden?

Het straatbeeld van de Cadixwijk toont een heterogene nevenschikking van gebouwen met een sterke diversiteit in korrelgrootte. De structuur van de bouwblokken achter dit beeld is vaak verrassend: volgebouwde binnengebieden met smalle diepe panden dwars door het bouwblok heen, grote loodsen met kleine koeren die bereikbaar zijn vanuit doorgangen onder verschillende gebouwen, diepe doorsteken vanuit verschillende straatzijden. Er is zo een interessante interne samenhang in de bouwblokken ontstaan: het bouwblok als ‘aaneengeklitte’ gebouwen, als conglomeraat van panden.

Deze bouwblokkenstructuur is uiteraard het resultaat van een decennialang gebruik van gebouwen als stapelplaats en werkplek bij de haven.  Bij groeiende bedrijvigheid werden gebouwen uitgebreid, naburige panden aangekocht, …

Nu met de herontwikkeling van de Cadixwijk dit stuk haven stad wordt, mogen we de kans echter niet laten liggen om iets op te steken van deze unieke bouwblokkenstructuur in de omgeving.  De ervaring van het bouwblok als conglomeraat van panden kan net helpen om grotere projecten op een natuurlijke manier te geleden in verschillende gebouwen met een interne samenhang ‘als uit één stuk’ - zonder te vervallen in gratuite ‘gevelarchitectuur’.  Tegelijk moeten we de juiste vertaalslag vinden : de nieuwe te ontwikkelen bouwblokken moeten de ruimtelijke eigenheid van de bouwblokken van de Cadixwijk kunnen herinterpreteren naar goede omgevingen voor het wonen en werken van morgen.


gedifferentieerde straatbeelden / een nevenschikking van panden

De verkavelingsvoorschriften voor het Zuidelijke lot van D2 geleden het volume in vier delen door de sprongen in bouwhoogtes.  De grens die het lot in twee kavels verdeelt, onderlijnt deze geleding.  Deze initiële vierdeling is een logisch vertrekpunt voor de opdeling van het project in verschillende gebouwen.  In het omgaan met het bouwblok vormt het pand de bouwsteen die als morfologische entiteit herkenbaar is in zijn verschijningsvorm maar ook in zijn functionele logica.  We erkennen de kwaliteit die deze herkenbare morfologische relatie in zich houdt

Er wordt dan ook naar gestreefd om elk gebouw te definiëren rond één eigen interne ontsluiting.  Het grootste gebouw uit de vierdeling (op de zuidoostelijke hoek) blijkt al gauw te omvangrijk om op een logische manier rond één ontsluiting te werken.  Daarom wordt er voorgesteld om dit gebouw op te delen.

Het geheel is nu verdeeld in vijf panden, met aangenaam wisselende gevelbreedtes naar de verschillende straten, elk met hun eigen verticale kern.

Het straatbeeld van de vijf panden krijgt nu een verdere elaboratie.  De keuze voor het type buitenruimte (uitpandige terrassen, inpandige loggias of wintertuinen) de traveemaat in structuur en gevel, of de nuances in het basismateriaal zorgen voor een verfijning in het onderscheid tussen de panden.  Naar de straatruimtes in het Westen en het Zuiden worden de panden zo nog beter onderscheiden, naar de dokruimte krijgt het totaalbeeld meer samenhang.

De ontsluiting van elk afzonderlijk pand vormt een essentieel element in de leesbaarheid van het bouwblok.  De keuze voor een éénduidige relatie tussen het pand en de circulatie onder de vorm één pand = één kern zal bijdragen tot de versterking van de eigenheid van ieder pand.  Door subtiele verschillen in hun organisatie en ligging versterken zij het karakter van ieder pand.  De verticale circulatie vormt een belangrijk element in de beleving van het wonen en wordt aan het binnengebied gesitueerd.  Door trappen als buitencirculatie te voorzien of beglaasde binnencirculatie onstaat een leesbare geleding van het binnengebied die bovendien bijdraagt tot de licht- en ruimtelijke kwaliteit van de inkomzones.


directe en indirecte ontsluiting van het binnengebied

Directe en indirecte ontsluitingen van het binnengebied vormen een belangrijk element in de beleving van de woongebouwen en het binnengebied.  Ze vormen de kracht van het diverse karakter ervan en laten een divers gebruik toe zonder het private karakter ervan te schaden.  Zowel in de Piraeusstraat in het Westen als in de Indiëstraat in het Zuiden wordt één ruime doorsteek naar het binnengebied voorzien.  Op de plaats van deze doorsteken is het contact met het binnengebied het meest direct.  Functioneel zijn deze weliswaar afgesloten, evenwel met transparente scheidingen die een geleidelijke overgang tussen publiek en semi-privaat mogelijk maken.  De ruimte naar de dokken - die van nature uit een publieker karakter heeft dan de straatruimtes - krijgt een minder direct contact het binnengebied.  In functie van de noden en wensen van de handelsruimte kan deze ruimte beglaasd worden naar het binnengebied zodat een glimp van het binnengebied mogelijk wordt.

Elk van de vijf panden krijgt zijn eigen toegang vanaf de straat.  De toegangen krijgen bewust verschillende karakters en statuten mee.  Twee panden krijgen een toegang langs de doorsteken tussen straat en binnengebied, de drie andere panden krijgen een meer besloten toegang vanaf de straat en maken intern de verbinding met het binnengebied.

Samengevat onderscheiden we drie types ontsluitingen :

type 1   directe ontsluiting via onderdoorgang

type 2   indirecte ontsluiting via inkomhal en doorsteek

type 3   toegang grondgebonden woning met relatie naar binnengebied


een karakteristieke wereld binnenin met een verassende samenhang

De vijf verticale kernen worden telkens langs de binnengevel gesitueerd.  De trappenpartijen kunnen zo als buitentrap uitgewerkt worden en dragen bij tot een betere beleving van het binnengebied als collectieve ruimte.  Elke woning wordt hierdoor ook op een vanzelfsprekende en leesbare manier verbonden met de centrale tuin.

Heel uiteenlopende elementen rond de tuin krijgen eenheid door een eenvormige materialiteit.  De tuin- en fietsenberging, uitpandige wintertuinen en collectieve fietsenstalling worden als zichtbare betonstructuur met extensief groendak uitgewerkt.  Het metalen schrijnwerk van de wintertuinen vormt een eenheid met de raampartijen vanuit handelsruimte en flexoffices naar het binnengegied.  Ook de de buitentrappen en de borstweringen van terrassen naar het binnengebied worden in een hiermee samenhangende materialiteit uitgewerkt.

De bezonning zorgt voor een logische organisatie van het gebruik van het binnengebied.  De zuidelijke helft krijgt een verharde koer onder een centrale solitaire boom, de randen zijn opgeladen met activiteiten overdag (handelsruimte oost, werkruimtes / flexoffice zuid).  De noordelijke helft is meer bezond en wordt ingericht als collectieve tuin.  De randen hebben er een meer privaat karakter (wintertuinen op een iets verhoogde vloerpas en omsloten privétuinen )

De daklaag van de verschillende panden is overeenkomstig de verkavelingsvoorschriften onder een hoek van 45° vanaf de kroonlijsthoogte teruggetrokken voorzien.  Hierdoor is deze laag minder prominent aanwezig ten opzichte van het openbaar domein en het binnengebied en wordt de zontoetreding in het binnengebied minimaal beperkt.


gevarieerd programma / flexibiliteit in het plan

Het projectvoorstel geeft concrete plannen mee voor de verschillende woningtypes. Wellicht nog belangrijker dan deze concrete uitwerking is de onderliggende drager in het plan. 

De ontleding van het project in vijf panden toont duidelijk dat elk pand op zich zijn eigen karakteristieke schema kan hebben.  De oriëntatie, directe context (straat of dok) en typologie van het pand (rij of hoek) genereren deze verschillen op evidente wijze.

De twee panden op de noordelijke kavel krijgen door hun oriëntatie en typologie bij voorkeur een doorzon karakter. In de twee hoekpanden wordt de kern bewust in de minder bezonde binnenhoek voorzien. (Tegelijk wordt zo het privacyprobleem van inkijk in deze binnenhoek aangepakt.)  Het pand centraal langs de Indiëstraat heeft uiteraard een uitgesproken voorkeursoriëntatie voor leefruimtes naar het zuiden.

De typologieën in het plan illustreren op veel plaatsen de flexibiliteit van het project, zowel in de tijd (aanpassingen in het gebruik naargelang de levensfase van de bewoners) als in de ruimte (verschillende gebruiken in een stapeling of schakeling van identieke typologieën).

Op verschillende plekken zijn meegroeiwoningen bedacht.  Een zestal woningen aan de dokzijde worden als 2/3 slaapkamertype bedacht. (Naast twee slaapkamers in de nachtzone is er een derde kamer voorzien die gekoppeld is aan de leefruimte. Deze kamer kan als uitbreiding van de leefruimte, als bureau of bij gezinsuitbreiding als kamer voor een tweede kindje ingericht worden.)  Ook de duplexen met private tuin kunnen als meegroeiwoning werken. De atelierruimte aan de straatzijde is er flexibel inzetbaar: als werkruimte of speelruimte of als extra nachtzone.

In de zone met betaalbare woningen is een alternerende schakeling van tweekamerwoningen en studio’s bedacht.  De planvorm zorgt er voor dat deze woningen ideaal combineerbaar zijn tot kangoeroewoningen.  In functie van de plek in het bouwblok komen er verschillende types van grondgebonden woningen; de private toegangen van deze woningen komen zowel langs de west-, zuid- en oostzijde voor.  Het gelijkvloers wonen komt telkens omwille van privacyredenen op een verhoogde vloer, ongeveer 1 meter boven het maaiveld.  Een achteruitgang wordt voorzien.

Er is in het algemeen veel aandacht gegaan naar gezinswoningen met 3 slaapkamers en een voldoende grote eigen buitenruimte.  De specifieke inzet om de verbinding met de binnentuin zeer direct en evident te maken en het contact van leefruimtes en keukens kan het karakter van deze binnentuin als gemeenschappelijke speelplek aanmoedigen.

De levendigheid van de plint wordt verder verzekerd door de precieze inplanting van werkfuncties.  Op de beide hoeken komt er een onafhankelijk werkende handelsruimte. Tussen de twee handelruimtes worden langs de Indiëstraat flexoffices / kantoren voor co-working voorzien.  Door hun inplanting zijn ze eventueel te koppelen met de naastgelegen inkomhallen van grondgebonden woningen.

De drie ateliers die gekoppeld worden aan de duplexen in de Piraeusstraat lenen zich tot verschillende combinaties van wonen en werken.

De werkruimtes/handelsruimtes kunnen casco worden uitgewerkt en hebben een polyvalent karakter.  Het eigenlijke gebruik van deze ruimtes is uiteraard in grotere mate flexibel. (Kantoor, winkel, vrij beroep, reca, ...)

‘low impact’ - een brede kijk

Dit team wil duurzaamheid in brede zin in het project inbedden door enerzijds van bij de aanvang van het ontwikkelingstraject de juiste kennis samen te brengen en anderzijds door een brede definitie te hanteren onder de noemer ‘low impact’.  Vanaf de eerste ontwerpvergadering werd de ambitie geuit door alle partijen om een woon- en werkomgeving te ontwerpen waarin de impact op onze natuurlijke leefomgeving zo beperkt mogelijk zal zijn.  Uiteraard betekent dit belangrijke uitdagingen op het vlak van energieverbuik en waterhuishouding, maar tegelijk willen we verder kijken door ook oplossingen aan te reiken rond mobiliteit, sociale interactie, combinatie wonen-werken, materiaalgebruik en flexibiliteit.  We inspireren ons hierbij op de gekende methodieken van BREEAM en LEED waarvan tot op heden nog geen vergelijkbare methodieken in België geïmplementeerd zijn.  Ook de voor scholenbouw geïntroduceerde duurzaamheidsmeter vormt een goede leidraad. 

Een lage impact is bovendien pas mogelijk als een integrale benadering gehanteerd wordt.  Het loont immers niet om één belastende keuze te compenseren met een andere duurzame maatregel.  Onze teamsamenstelling en de wens om het project verder in bouwteam te ontwikkelen moeten garant staan voor een integrale benadering die ons moet toelaten om onze doelstellingen te halen en te overtreffen.


mobiliteit

De impact van het gebouw op mobiliteit is van cruciaal belang voor de globale duurzaamheid van woonomgevingen.  In het kader hiervan kunnen we enkel het initiatief van de Stad toejuichen om te kiezen voor een ontwikkeling in de nabijheid van het stadscentrum, met ruime voorzieningen en een voldoende densiteit.  Dankzij deze ingrepen die inherent zijn aan de opdracht wordt de ecologische voetafdruk van het wonen in dit project reeds vanaf de aanvang gereduceerd.  Het ontwerpteam wil deze kansen aangrijpen om dit positief effect nog te versterken. 

Het STOP-principe wordt consequent toegepast en vormt een onderdeel van het ontwerp.

De keuze in dit ontwerp voor open en aanwezige circulaties met een evidente relatie met het binnengebied dat een subtiele mix van plekken en onstluitingen vormt, vormt bij uitstek een drager voor een vlot ontsluitbaar maaiveld.  Dit private binnengebied zorgt voor de bewoners voor een leesbare en sociaal gecontroleerde ontsluiting op straatniveau die een stimulans zal vormen voor een vertrek te voet.  Het project moet het op evidente wijze mogelijk maken dat elke bewoner die het wil zijn wagen aan de kant kan zetten.

Voor het ruime programma aan fietsen werd bewust geopteerd voor een gevarieerd en in het beeld aanwezig aanbod waarin elke gebruiker zijn gading kan vinden.  De fiets is het middel bij uitstek om zich in de stad te verplaatsen met een lage impact. De gebruiksdrempel dient consequent verlaagd te worden.  We voorzien plaats voor fietsen in de inkomzones of tuinbergingen van de grondgebonden woningen.  Naast gegroepeerde fietsenboxen in het binnengebied voor gezinnen worden ook grotere gemeenschappelijke fietsenstallingen voorzien met een dubbellaags systeem waardoor fietsen op een compacte, veilige en efficiënte wijze gestald kunnen worden.  Aan elke inkomzone worden fietsenstalplaatsen voorzien, ook door bezoekers te gebruiken of voor occasionele stalling. 

Door het bewust architecturaal en functioneel prioriteit te geven aan de fiets, kunnen we mee een eerste stap richting een duurzaamheids denken bewerkstelligen.

Het parkeerprogramma wordt beperkt tot een enkele ondergrondse parkeerlaag met 70 parkeerplaatsen, aan de onderzijde van de verplichte parkeernorm.  De wagen als stedelijk vervoermiddel zoals we dit vandaag kennen zal moeten verdwijnen ten voordele van meer aangepaste mobiliteitsoplossingen.  We voorzien toegewezen plaatsen voor autodelen en een laadmogelijkheid voor elektrische voertuigen.

De parkeerlaag is toegankelijk vanuit de liftkernen van elk pand en via twee trapkernen die uitmonden in het publiek deel van de toegangszone van blok B en D.  We kiezen er bewust voor om geen directe relatie te leggen naar het binnengebied om dit niet te belasten en het natuurlijke karakter ervan te vrijwaren.  Tegelijk zien we het parkeren op dit ogenblik als puur functioneel en wensen we de relatie met deze parkeergarage daarom niet uit te breiden.  Door het concept van de parking is extern gebruik op termijn mogelijk en kan de parkeergarage een andere bestemming krijgen.

We voorzien een inrit in het bouwvolume E op de grens met de kavels 201/202.  De parkeergarage is zo ontworpen dat deze rationeel ingedeeld kan worden en op eenvoudige wijze gekoppeld kan worden aan een mogelijke parkeergarage in het aangrenzende lot.  De inrit wordt voorzien van een discrete poort in het gevelvlak en kan zogewenst samen gebruikt worden voor de twee loten waardoor de impact ervan nog geminimaliseerd wordt. 

Door het gedeeltelijk aanwenden van een verhoogde plint thv de grondgebonden woningen is een natuurlijke ventilatie en verluchting van de ondergrondse parkeerlaag mogelijk.


sociale duurzaamheid

Duurzaam wonen heeft ook een sociale dimensie: een woonomgeving die voor iedereen zowel financieel als ruimtelijk toegankelijk is.  Een woonomgeving die voor een redelijke prijs een maximum aan woonkwaliteit, sociale interactie en flexibiliteit biedt en die eenieder de kans biedt om zijn impact op ons leefmilieu te verlagen.

Sociale mix en levenslang wonen

Wonen-werken combinatie

Open traphallen en sociale interactie

Gemeenschappelijke tuin

Fietsgebruik als sociale stimulans

Toegankelijkheid

Betaalbaar wonen

dossiernummer: 1212

adres: Cadixwijk Eilandje / Bouwblok D2

bouwheer: Besix Red - Real Estate Development

wedstrijd: oktober 2012 - Tweede plaats